22-06-2011 Robin Van der Sar No Comments
De man van het interview op pagina drie, dat je natuurlijk allang hebt gelezen (overigens volkomen terecht), maakt gretig gebruik van verouderde woorden. Dit is een van de vele redenen waarom ik fan ben van Teeuwen. Hij weet als geen ander dat archaïsmen prikkelen, out of the ordinary zijn, zeker bij de jongere generatie, en daarom vaak een grappige bijsmaak hebben. Hans is er persoonlijk verantwoordelijk voor toch wel minimaal tien archaïsmen in mijn vocabulaire te planten dan wel doen herleven.
De SK helpt je nog één keer je archaïsche vocabulaire uit te breiden dan wel nieuw leven in te blazen. Zo kun je voortaan ‘zuurstof’ eens vervangen door ‘levenslucht’, en is een meisje (of jongen, maar toch vooral meisje) met een mooie kont voortaan ‘mooibillig’. Nu is het wel zaak je publiek aandachtig uit te kiezen, en niet te pas en te onpas archaïsch te oreren. De kunst is om die woorden, uitdrukkingen of gezegden te kiezen, die de meesten wel eens gehoord hebben, of enigszins kunnen thuisbrengen, maar die ze zelf zelden tot nooit gebruiken.
Woord : • Frik
Betekenis (Van Dale): Een pedant persoon die zich schoolmeesterachtig gedraagt. Ook wel een ‘schoolvos’ genoemd. Andere synoniemen zijn onder meer ‘alweter’ en ‘wijsneus’ Je kent vast wel zo iemand, zo’n betwetertje. Zo iemand die er behagen in schept om fouten te ontdekken in gesprekken of essays, en die je triomfantelijk corrigeert. Iemand die je keer op keer wijst op je als/dan foutjes, je vermenging van spreekwoorden en andere veel voorkomende fouten.
Voorbeeldzin: “Doe niet zo *&^% frikkerig.”
Spreekwoord, uitdrukking of gezegde: • In je nopjes zijn
Betekenis (Van Dale): Erg tevreden over iets zijn en/of je vrolijk voelen. Volgens OnzeTaal zijnde nopjes in deze zegswijze de noppen (pluisjes) op wollen stoffen, zoals in het Idioomwoordenboek van Van Dale wordt vermeld. Later werd noppen of nopjes een aanduiding voor kleren in het algemeen, met name nieuwe kleren, waarvan de noppen nog niet afgesleten zijn. Ook wel zondagse kleren of feestkleren, die dus meestal gedragen werden als men zich blij voelde. Zo verschoof de betekenis van in je nopjes zijn van ‘mooie, nieuwe kleren dragen’ naar ‘verheugd en tevreden zijn’.
Voorbeeldzin: “Je bent wel in je nopjes vandaag he?”