Gaat in 2010 de studiefinanciering op de schop? Het lijkt er wel op. In de Tweede Kamer wordt momenteel druk gediscussieerd over een alternatief stelsel. De basisbeurs die alle studenten krijgen kost de overheid jaarlijks meer dan één miljard euro. Dat is geld dat ze goed kunnen gebruiken. Lees verder »

Popularity: 59% [?]

Een ‘bestuurtje doen’ is nog maar weinig waard

Auteur: Randy Martens Op 26-01-2010

Sinds mensenheugenis is ‘een bestuurtje doen’ een onlosmakelijk deel van het studentenleven. Geen bestuursfunctie vervullen is funest voor je CV en maatschappelijk aanzien als student. Een jaar rondlopen in een trui met op de rug “Bestuur 09/10” is een onmisbare stap richting het ‘totale mens-zijn’ Lees verder »

Popularity: 26% [?]

Blaastest voor voetgangers is een goed idee?

Auteur: Studentenkrant Op 15-12-2009

Om overlast te voorkomen in uitgaansgebieden waar problemen zijn met openbare orde of geweld wil minister Guusje ter Horst (Binnenlandse Zaken) een blaastest invoeren voor voetgangers in zo’n gebied. Een goede idee? Cisca Joldersma (CDA) en Renske Leijten (SP) geven hun mening.

Cisca Joldersma, Tweede Kamerlid CDA
Het CDA vindt het niet nodig elke willekeurige wandelaar te testen op zijn alcoholpromillage. Maar we willen wel de alcoholgerelateerde overlast en het geweld dat onder invloed van alcohol plaatsvindt terugdringen.

Alcoholgerelateerde overlast belemmert het veilig uitgaan en het ongedwongen en aangename vertier op grote publieksevenementen. Denk bijvoorbeeld aan het uit de hand gelopen ‘feest’ in Hoek van Holland. Ook bij huiselijk geweld is vaak sprake van alcoholmisbruik. Nu wordt vaak niet geregistreerd of dat geweld plaatsvindt onder invloed van alcohol of drugs.

Het CDA steunt het regeringsvoorstel om bij criminele delicten alcohol- en drugsgebruik te laten meetellen als strafverzwarende omstandigheid. Maar dan moet je wel eerst kunnen vaststellen of er sprake is van te veel alcohol.

Nu mag je buiten het verkeer zo’n blaastest of drugstest niet zomaar afnemen. Er is daarom een aanvullende maatschappelijke norm nodig op de bestaande alcoholnorm in het verkeer en de nulnorm van alcoholgebruik onder de 16. Met zo’n extra norm is het mogelijk na te gaan of overlast en geweld mede zijn veroorzaakt door overmatig alcoholgebruik.

Het CDA heeft al eerder voorgesteld om bij alcoholgebruik onder jongeren onder de 16 gebruik te maken van blaaspijpjes. In de praktijk gebeurt dat nu al bij disco’s en schoolfeesten waar men vrijwillig blaast of er anders niet inkomt. Het voordeel is dat ouders dan ook erop kunnen vertrouwen dat hun zoon of dochter veilig uitgaat. De blaastest is nodig om beter te kunnen optreden bij overlast en geweld. Het CDA is er daarom voor dat bij meer risicovolle situaties en risicovolle mensen het mogelijk wordt een blaastest af te nemen.

Renske Leijten, Tweede Kamerlid SP
De SP is tegenstander van het verplicht stellen van blaastesten voor voetgangers. Dat zou betekenen dat je iedere uitgaansavond tientallen boetes uit kunt delen, ook aan mensen die zich niet vervelend gedragen. Dat lost natuurlijk helemaal niets op. De burger is geen melkkoe voor de overheid.

De vergelijking met bestuurders van voertuigen gaat mank. In het verkeer levert rijden onder invloed een direct gevaar op. Dat moet dus altijd worden bestraft, ook als iemand niet direct gevaarlijk rijdt. Dat is dus niet te vergelijken.

Natuurlijk moeten we mensen die overlast veroorzaken onder invloed van alcohol wel kunnen testen. Dus pas als er sprake is van overlast of strafbare feiten zou er wat de SP betreft een blaastest mogen worden afgenomen bij voetgangers om te kunnen bewijzen dat iemand teveel heeft gedronken. Als bewijsmiddel is het voor de SP zeker acceptabel.

Blaastesten kunnen wel nuttig zijn om er achter te komen of bepaalde strafbare feiten zijn gepleegd onder invloed van teveel alcohol, zodat je ook eventueel de straf kunt laten aansluiten op het gedrag, zoals een gedragstraining of een voorwaardelijke straf waarbij een bepaalde periode niet mag worden gedronken.

Het verplicht stellen van blaastesten is geen goed idee. Er is nu al te weinig politiecapaciteit en dat wordt met de door PvdA-minister Ter Horst aangekondigde bezuinigingen op de politie alleen maar erger.

Popularity: 20% [?]

‘Het is goed dat de AOW leeftijd naar 67 gaat’

Auteur: Studentenkrant Op 12-11-2009

Moet de AOW-leeftijd worden opgetrokken naar 67 jaar? Agnes Jongerius, voorzitter van vakbond FNV, en Mark Rutte, fractievoorzitter van de VVD, gaan de discussie aan.

Agnes Jongerius (Foto: Rebke Klokke)Agnes Jongerius – Voorzitter FNV
De FNV staat voor een welvaartsvaste AOW waar iedereen ook al met 65 jaar gebruik van kan maken. Dat is vooral belangrijk voor mensen die al vroeg begonnen zijn of zwaar werk moeten doen. Die AOW moet dan wel een fatsoenlijke hoogte hebben.

Tegelijkertijd zijn wij voor keuzevrijheid. Wie dat wil moet langer door kunnen werken, voor mijn part tot 70 jaar. Nu zijn daar allerlei belemmeringen voor. Ik zou zeggen: ruim die snel op. Wie later met AOW gaat, krijgt wel een hoger bedrag.

Het kabinet heeft een heel slecht plan in elkaar geflanst, waarin iedereen die jonger is dan 51 het gelag betaalt. Zij krijgen pas twee jaar later AOW. Dat komt neer op een bedrag van 25.000 euro per persoon dat mensen mislopen. Wie tussen de 55 en 51 is, loopt één jaar AOW mis. Het kabinet gebruikt de AOW om de jongere generaties de rekening van de crisis te laten betalen.

De FNV heeft met de andere vakcentrales CNV en MHP een eigen plan gemaakt, dat net zoveel bezuinigingen oplevert als het kabinetsplan. Daarin wordt de AOW echt klaar voor de 21e eeuw. We koppelen de AOW-uitkeringen aan de lonen die mensen werkelijk verdienen. Maar tegelijkertijd linken we de AOW ook aan de levensverwachting.

Daarmee slaan we twee vliegen in één klap. Anders dan nu stijgt de AOW-uitkering in ons plan mee met de welvaart. Maar du moment dat de levensverwachting sterker gaat stijgen, wordt de uitkering over een langere periode uitgesmeerd. En volgens alle nu bekende gegevens levert dat ook over dertig jaar nog steeds een fatsoenlijke AOW-uitkering op.

Kortom: we geven mensen keuzevrijheid en lossen tevens het probleem op van de zware beroepen. Dat is even iets anders dan een botte knip op 67 voor iedereen, die de jongere generaties bovendien 25.000 euro kost.

Mark Rutte, fractievoorzitter VVDMark Rutte – Fractievoorzitter VVD
De Algemene Ouderdomswet (AOW) dreigt op termijn onbetaalbaar te worden wegens de toenemende vergrijzing. Er moeten dus maatregelen worden genomen om deze wet betaal- en beschikbaar te houden. De VVD biedt het antwoord: flexibiliseer de AOW-leeftijd. Een eerlijke, op de persoon toegesneden AOW-leeftijd biedt een betere aanpak dan een rigoureuze collectieve verhoging.

In het VVD-plan wordt iedereen ontzien die veertig jaar heeft gewerkt. Zij krijgen gewoon op hun 65e hun AOW uitgekeerd. Voor mensen bij wie dat niet het geval is, zal de AOW-leeftijd, ingaande vanaf 2011, in 24 stappen van één maand, worden verhoogd naar 67 jaar. Het CPB heeft becijferd dat dit nagenoeg net zo effectief is als een drastische verhoging van de AOW-leeftijd. Dit zou oneerlijk zijn voor diegene die vanaf zijn achttiende al aan het werk is en veertig jaar heeft gewerkt.

Een flexibilisering van de AOW-leeftijd heeft als bijkomend voordeel dat er op het toppunt van de vergrijzing in 2030 genoeg handen aan het bed en leraren voor de klas zijn. De te verwachte tekorten op de arbeidsmarkt worden zo weggewerkt en de AOW blijft voor iedere hardwerkende Nederlander beschikbaar.

In vergelijking met dit voorstel vindt de VVD de plannen van het kabinet te weinig, te laat en te ingewikkeld. Te weinig, omdat de maatregelen pas ingaan in 2020, waardoor ze de komende 10 jaar geen bijdrage leveren aan vermindering van de enorme tekorten van de overheid. Dit bevestigt opnieuw onze stelling dat dit kabinet de overheidsfinanciën niet goed beheert.

Te laat, omdat de effecten alleen gevoeld zullen worden door mensen jonger dan 55. In tegenstelling tot het VVD-voorstel verdeelt het kabinet daarmee de lasten niet eerlijk over ouderen en jongeren. In het VVD-voorstel levert vanaf 2011 iedereen, zij het zeer geleidelijk, een bijdrage.

Te ingewikkeld, omdat het kabinet werkgevers gaat verplichten hun werknemers na 30 jaar ander werk aan te bieden. Voor veel ondernemers in het MKB zal dit een onmogelijke opgave zijn. Een kleine aannemer, loodgieter of tuinder heeft geen ander werk te bieden.

Popularity: 12% [?]

Terugtrekken uit Afghanistan?

Auteur: Studentenkrant Op 02-11-2009

Moet Nederland zich zo snel mogelijk terugtrekken uit Afghanistan? Kamerleden Harry van Bommel (SP) en Arend Jan Boekestijn (VVD) gaan de discussie aan.

Harry van Bommel, Tweede Kamerlid SPHarry van Bommel, Tweede Kamerlid SP (foto: Bas Stoffelsen, Studentenkrant)
Nederland moet zo snel mogelijk weg uit Afghanistan. De militaire strategie die daar door de buitenlandse troepenmacht wordt gevolgd, is volkomen failliet. De veiligheid is er sinds de inval in 2001 ieder jaar op achteruit gegaan. De opbouw van het land komt nauwelijks van de grond en bij de laatste presidentsverkiezingen is gebleken dat we een president in het zadel houden die niet terugdeinst voor fraude.

Door in Afghanistan te blijven, geven we steun aan deze heilloze operatie. Er ontrolt zich in Afghanistan een Vietnam-scenario. Steeds meer militairen gaan er naar toe, er vallen steeds meer (burger-)slachtoffers en de kans op vrede wordt steeds kleiner. Net als bij de oorlog tegen Vietnam neemt de steun onder onze eigen bevolking met de dag af en dat geldt niet alleen voor Nederland. Ook de uitgezonden militairen en hun vakbonden vragen zich af waar we in Afghanistan in vredesnaam mee bezig zijn.

Mijn afwijzing van deze oorlog wil zeker niet zeggen dat ik vind dat we de Afghanen in de steek moeten laten. Integendeel. We zullen de Afghanen moeten helpen bij het op gang brengen van onderhandelingen waar ook de Taliban deel van uitmaken. We mogen niet vergeten dat de Taliban voor een belangrijk deel oorspronkelijk uit Afghanistan komt.

Met een onderhandelde vrede en opname van de Taliban in het politieke proces is er een kans dat Afghanistan ooit weer van de Afghanen wordt. Tot die tijd is humanitaire hulp nodig, maar niet door militairen. Als we Afghanistan werkelijk willen helpen, zullen we de oorlog moeten stoppen.

Arend Jan Boekestijn, Tweede Kamerlid VVDArend Jan Boekestijn, Tweede Kamerlid VVD (Groninger Studentenkrant)
Twee weken geleden sneuvelen in één etmaal twee Nederlandse militairen. In totaal zijn er nu 21 Nederlandse slachtoffers te betreuren. Dat zijn er 21 te veel. Natuurlijk, proportionaliteit geldt voor alle levensterreinen dus ook hier, maar wat zou het in dit geval betekenen indien wij morgen onze militairen terugtrekken?

We moeten ons realiseren waar Afghanistan vandaan komt. Acht jaar geleden knechtte het Taliban regime nog de Afghaanse bevolking. De internationale missie bestrijdt de Taliban en probeert vrede en veiligheid te brengen voor de Afghaanse bevolking.

Daarnaast is het heel belangrijk ons te realiseren waarom de internationale gemeenschap aan deze missie is begonnen. De aanslagen van 11 september lieten zien waartoe Al-Qaida in staat was. Dat mag nooit meer gebeuren en daarom zijn wij in Afghanistan.

Daar komt nog bij dat de Afghaanse interim-regering de internationale gemeenschap gevraagd heeft om hen te ondersteunen. Wij bestrijden de Taliban en onze troepen helpen bij de opbouw van het land. Voorts proberen wij een Afghaans leger en politiemacht op te zetten die deze veiligheid op termijn kan garanderen. We kunnen als internationale gemeenschap de Afghanen nu niet in de steek laten.

Tenslotte moeten we oog hebben voor wat we nu reeds hebben bereikt in Afghanistan. Elke school die we bouwen is een overwinning op de Taliban en geeft kinderen hoop. Elke uitgebrachte stem brengt een democratisch Afghanistan dichterbij. Elke verslagen Taliban-vechter is één potentiële internationale terrorist minder. De missie is niet makkelijk en is gevaarlijk. De missie is echter essentieel voor de veiligheid van Afghanistan en de Afghanen en het tegengaan van internationaal terrorisme.

Popularity: 14% [?]

Introductiekampen overspoeld met bespottelijke regeltjes

Auteur: Studentenkrant Op 01-11-2009

Zes uur slaap, ondergoed verschonen, SOA’s melden en een verbod op drankspelletjes. Geen opmerkingen over uiterlijk en seks, en natuurlijk je tanden poetsen voordat je gaat slapen. Enkele regeltjes vastgesteld door de Advies Commissie Introductietijden (ACI). Het introductiekamp van 2009 hangt van de meest absurde regeltjes aan elkaar.

In een draaiboek moeten alle activiteiten van minuut tot minuut worden vastgelegd. Ondergoed verschonen en tanden poetsen horen daar ook bij. ‘Tien uur tot kwart over tien: Tijd om een schone onderbroek aan te trekken.’

Uitputting en sociale druk worden door de ACI aangehaald als argumenten voor deze extreem betuttelende regelgeving. ‘Studenten zijn op kamp niet altijd in staat om zelf te bepalen hoeveel uur slaap ze nodig hebben’, aldus Luut Kroes, commissaris van de ACI.

Een meer aannemelijke verklaring voor uitputting is dat de studenten wèl zelf kunnen beslissen, dat ze de gezelligheid het voor één keer laten winnen van hun vermoeidheid. De meeste incidenten gebeuren in combinatie met overmatig alcohol gebruik. Er schijnt volgens de ACI regelmatig sprake te zijn van sociale druk om toch met dingen mee te doen, vandaar een verbod op drankspelletjes (ook op vrijwillige basis).

Een verbod op drankspelletjes is echter geen oplossing. Voorvallen met betrekking tot overmatig drankgebruik voorkom je hier niet mee. Als men alcohol wil drinken drinkt men dit hoe dan ook, met of zonder bijbehorend spelletje. Alcohol gerelateerde voorvallen zijn alleen uit te sluiten met een geheel alcoholverbod.

Studenten worden behandeld alsof ze achterlijk zijn, en niet in staat eigen verantwoordelijkheden te nemen. Krampachtig wordt geprobeerd incidenten te voorkomen, maar ongevallen gebeuren altijd en overal. Het is enigszins teleurstellend dat eerstejaars studenten de dupe worden van al deze bespottelijke regeltjes. Eerstejaars moeten leren om op eigen benen te staan, en hun eigen verantwoordelijkheden te nemen. En ja, soms ga je daar nou eenmaal bij onderuit.

Tessa Nijland

Popularity: 10% [?]

Alleen nog garantie op studieschuld

Auteur: Studentenkrant Op 29-10-2009

Protesterende studenten in Den Haag. Eind september, vlak na Prinsjesdag was het weer zover. ‘Om te studeren prostitueren’ stond er onder andere te lezen op de borden.

Het kabinet wil de studiefinanciering de komende twee jaar bevriezen, om op die manier ruim 18 miljoen euro te besparen. Studentenvakbond LSVb staat op zijn achterste poten en vindt dat er juist in het hoger onderwijs geïnvesteerd moet worden.

Als pas afgestudeerde gaat mijn sympathie eerder uit naar de protesterende studenten dan naar het kabinet. Uit ervaring weet ik immers dat studeren geen vetpot is. Van een studiebeurs, met eventueel een aanvullende beurs, valt simpelweg niet rond te komen. Dat weet iedereen.

Gelukkig heeft de gemiddelde student best tijd voor een bijbaantje en is het daardoor bijna voor iedereen mogelijk om zonder al te veel financiële problemen zijn of haar studietijd door te komen. Mits je binnen vier jaar afstudeert natuurlijk. Want mocht dat niet lukken, dan wordt het een lastiger verhaal.

Je studententijd is belangrijk en leuk. Want behalve veel boekenwijsheid, doe je als het goed is ook de nodige andere wijsheid op. Bestuursfuncties, studeren in het buitenland, schrijven voor de plaatselijke studentenkrant: het maakt niet uit waar je interesses liggen, voor iedereen zijn er mogelijkheden jezelf te ontwikkelen en te ontdekken waar je talenten liggen.

De afgelopen jaren is de tendens dat studeren steeds sneller, efficiënter en effectiever moet. Kom je er na een jaar achter dat je toch niet de goede studie hebt gekozen, loopt het allemaal even wat minder lekker of loop je vertraging op doordat je studie in het buitenland niet genoeg punten heeft opgeleverd, dan gaat je dat onherroepelijk geld kosten.

Om je studie af te maken moet je gaan lenen en je dus in de schulden steken. Hoewel de terugbetalingsregeling bij de IB-Groep vrij soepel is en de rente laag, is het voor veel studenten vooral een psychologische drempel die ze over moeten. Toen ik in mijn laatste twee jaar (want: verkeerde studiekeuze én studeren in het buitenland) mijn schuld steeds verder zag toenemen, vroeg ik me dan ook regelmatig af hoe ik dat in godsnaam ooit terug ging betalen.

Achter in mijn boekenkast ligt een grote stapel brieven met het logo van de IB-Groep die ik maar niet heb geopend. “Garanties krijg je alleen bij aankoop van een koelkast”, sprak Plasterk tijdens de demonstratie met betrekking tot de eis van de LSVb dat er op het hoger onderwijs niet bezuinigd mag worden. En dat geldt dus ook voor een hbo- danwel universitaire opleiding. Die bieden je evenmin de garantie op een dikbetaalde baan waarmee je binnen notime je studieschuld wel weer aflost en dat is dan ook waar de angst om te lenen van de meeste studenten vandaan komt.

De bevriezing van de studiefinanciëring de komende twee jaar is niet mijn grootste zorg. En ik denk ook echt niet dat er daadwerkelijk studentes zijn die zich binnenkort in Groningen op de Nieuwstad zullen melden omdat ze hun halfje bruin bij de Albert Heijn niet meer kunnen betalen. Maar waar ik wel bang voor ben, is dat studeren steeds minder betaalbaar wordt. Waardoor studenten zichzelf minder keuzevrijheid gunnen, koste wat het kost hun studie binnen vier jaar willen afronden en de kansen die ze tijdens hun studietijd zowel binnen als buiten hogeschool en universitiet krijgen, niet voldoende meer kunnen en durven benutten.

Ik zal binnenkort mijn lot onder ogen moeten zien en mijn IB-Groep envelopjes eens onder het stof vandaan moeten halen. Dan zal de toekomst wel uitwijzen of mijn lening een goede investering was of dat mijn goedbetaalde baan een illusie blijkt en ik over tien jaar nog steeds iedere dag in een callcenter boze klanten te woord moet staan om mijn schuld af te betalen.

Elske Woudstra

Popularity: 12% [?]

Anaal je doctoraal?

Auteur: Studentenkrant Op 28-10-2009

Nederland is boos. Dat gebeurt vaker in een tijd waarin zeggen wat je denkt bijna CV-waardig is geworden, maar ook studenten roeren zich nu.

Minister Plasterk heeft namelijk aangekondigd de studiefinanciering voor in ieder geval twee jaar te bevriezen. Dat wil zeggen: de beurs wordt niet aan de inflatie aangepast.

Met de OV-jaarkaart (kosten: nul euro) reisde een groep studenten naar Den Haag om te protesteren. Een tiental studentes verkleedde zich als hoer, en tooide zich met borden als: ‘Ik betaal anaal mijn doctoraal.’

Ludiek, maar bij mij overheerst de irritatie. Heel Nederland moet inleveren, waarom wij als studenten niet ook? Of willen we de kosten ‘anders’ verdelen? Dat kan natuurlijk, geen probleem. Kopvoddentaks invoeren, voor de meeste studenten geen centje pijn.
Anaal je doctoraal, protesten tegen het bevriezen van de studiefinanciering door Plasterk (Groninger Studentenkrant)
Een fundamentelere heroverweging van het systeem lijkt mij nochtans zinvoller. Want hoe normaal is het eigenlijk dat de hele bevolking meebetaalt aan het hoger onderwijs van een minderheid? Terwijl die minderheid het na hun studie toch al goed krijgt, viel vorig jaar bij regeringspartij PvdA te horen.

Nu is het niet zo dat ik me bezwaard voel om op kosten van de maatschappij te studeren. Immers, aannemelijk is dat je na je studie voor diezelfde maatschappij een toegevoegde waarde bent. Maar toch steekt er iets. Zeker nu het Hoger Onderwijs volledig uit zijn jas lijkt te groeien: het aantal studenten rees de afgelopen jaren de pan uit.

Hoewel Nederland graag een kenniseconomie wil zijn, is dit funest voor het niveau. De kwantiteit gaat praktisch altijd ten koste van de onderwijskwaliteit. Radicale verandering moeten overwogen worden.

Eén optie is de invoering van het zogenaamde sociaal leenstelsel. Dat houdt in dat de studiefinanciering volledig wordt omgezet in een lening. Na afloop van de studie kan de lening naar draagkracht worden terugbetaald.

Het zal scholieren tot een zorgvuldiger studiekeuze aanzetten, na zich te laten afvragen: wil ik werkelijk studeren? En: is het me zo waardevol dat ik er een flinke lening voor over heb? Een aantal zal ervoor kiezen met hun handen te gaan werken, wat goed uitkomt gezien het tekort aan vakkrachten.

Niet alleen kan het geld van de studiefinanciering in deze variant elders besteed worden, ook zal de jaarlijkse tsunami van studenten een halt worden toegeroepen – waardoor afzonderlijke diploma’s de facto meer waard worden.

Andere positieve bij-effecten zijn te verwachten. Studenten zullen sneller (af)studeren als ze elk studiejaar in hun portemonnee voelen. Minister Plasterk zal in zijn handen wrijven: ‘Geen gelul, in vier jaar je bul.’

Dat studenten tegen maatregelen te hoop lopen zal wel een erfenis van de wilde jaren ’60 zijn, maar de regering zou er zijn oren niet naar moeten laten hangen. Juist studenten, een groep met een uitstekend toekomstperspectief, zijn prima in staat meer te betalen dan nu het geval is. En als studentes daarvoor een tube glijmiddel nodig denken te hebben is daar vast wel een lening voor af te sluiten.

Jesper Verhoef
Foto: roel1943, Flickr.

Popularity: 27% [?]

Universitaire kroeg

Auteur: Studentenkrant Op 14-03-2009

De binding tussen student en universiteit kan groter. Is een kroeg een geschikt middel om dit te bewerkstelligen? Lillian Hoogenboom en Jesper Verhoef gaan de discussie aan.


Één kroeg, één universiteit!


Op dit moment bestaat er een te grote afstand tussen de studenten en de docenten van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG). Een gebrek aan een universitaire gemeenschap dus, waardoor we eigenlijk niet zo veel van elkaar weten. De student voelt zich een nummer, de docent heeft niet het gevoel alsof hij studenten voor zich heeft die iets om zijn vak geven.

De voorzitter van het College van Bestuur, Sibrand Poppema, heeft in dit kader gesproken over een nieuw principe: ‘We care’. De Studenten Organisatie Groningen (SOG) werkt momenteel aan een notitie over dit onderwerp, waarbij de nadruk ligt op het creëren van een sterkere universitaire gemeenschap en het beter informeren van studenten over al het mooie van deze universiteit.

Naar onze mening zou een kroeg met een universitair karakter hier aan bij kunnen dragen. Angelsaksische universiteiten maken meer gebruik van dit soort faciliteiten dan Nederlandse universiteiten. In Oxford is er een kroeg in één van de oudste universitaire gebouwen, dit is een mooie ouderwetse kroeg met een bruin tintje en referenties naar de University of Oxford. Studenten en docenten maken hier gebruik van en vinden elkaar ook in deze kroegen. Dit is heel wat aantrekkelijker dan een kantine zoals in het Academiegebouw, een faciliteit die we ook ‘delen’ maar waar geen interactie plaatsvindt.

De soort kroeg die wij voor ogen hebben heeft een universitair karakter, dus met referenties naar de rijke 395-jarige geschiedenis van de RUG. Daarnaast is de kroeg toegankelijk voor alle studenten en docenten, ook de internationale. In deze kroeg zijn ook mogelijkheden om lezingen te organiseren, bijvoorbeeld door Studium Generale. De kroeg is geen exclusieve club, waardoor iedereen de mogelijkheid heeft er een kijkje te nemen.

Wat zal er allemaal veranderen door zo’n kroeg zul je je afvragen. Nou niet alles natuurlijk, ook het beleid in onder andere de collegezalen moet worden veranderd. Studenten moeten vanaf het begin het gevoel hebben dat de RUG zich wel degelijk betrokken voelt bij hun studiesucces. Docenten zouden hun college niet meer mogen beginnen met het vermelden van het slagingspercentage (dat op één of andere manier dan altijd erg laag is), en denken dat dit dan motiveert.

De student moet zich inzetten voor zijn studie, maar dan moet er wel een situatie gecreëerd worden waarin dat mogelijk én aantrekkelijk is. Deze situatie is alleen te bereiken met meer contact tussen docenten en studenten en daarbij helpt onze kroeg in ieder geval. De universiteit is dan niet meer een plek waar je alleen heen gaat om te studeren, maar wordt ook geassocieerd met relaxen en gezelligheid. Na een college nog even wat gaan drinken krijgt een hele andere dimensie, het zou namelijk best het geval kunnen zijn dat je naast je hoogleraar zit.

En dan wordt het in eens makkelijker om iets te vragen en moeten we elkaars namen wel kennen, in studentennummers praten zou onbeleefd zijn. En zoals de poll op de website van de Groninger Studentenkrant ook al uitwijst; wij vinden een kroeg gezellig voor de sfeer!

Lilian Hoogenboom is vice-fractievoorzitter van de Studenten Organisatie Groningen (SOG) in de universiteitsraad.


Via U-raad naar RUG-café


Als VWO-scholier luisterde ik altijd graag naar mijn broer over zijn ervaringen op het HBO te Amsterdam. Niet zelden gingen deze over de kroeg die in het gebouw zit: het bleek een ideale gelegenheid snel contacten op te doen en er gezellig middagen door te brengen na de colleges.

Omgekeerd heb ik zulke verhalen nooit kunnen vertellen: tot op de dag van vandaag heeft de RUG geen kroeg. De redenen hiervoor zijn me niet bekend, maar het is tijd dat dit verandert. Waar is men bang voor? Gaat met een kroeg het academisch karakter soms teloor? Zullen dronken studenten rare dingen gaan doen?

Zoals vaker gaat ook hier op: angst is een slechte raadgever. In Amsterdam gaat het ook al sinds jaar en dag goed. Redenen vóór het openen van een universiteitscafé zijn er voldoende. Zoals de SOG hierboven stelt is het een prima plek voor bijvoorbeeld lezingen. Ook kan een kroeg het contact tussen studenten en docenten vergroten.

Wat de partij echter over het hoofd ziet, en nog belangrijker is: het zorgt voor meer en makkelijker contact tussen studenten. Natuurlijk zijn er studieverenigingen en kun je ook buiten de universiteit met elkaar afspreken. Het hebben van een kroeg verlaagt de drempel, zeker voor eerstejaars, echter enorm.

Ook vanuit financieel oogpunt is het openen van een café interessant voor de universiteit. Studenten klagen over de in hun ogen te hoge prijs voor broodjes en koffie, die volgens het Facilitair Bedrijf door de gestegen grondstofprijzen komen. Bij het schenken van bier en andere alcoholische drankjes heb je hier geen last van: een prijs van pakweg twee euro is algemeen geaccepteerd.

De marges voor de universiteit zijn aldus hoog genoeg om een kroeg rendabel te maken. Zeker als je de prijzen lager maakt dan gemiddeld, wat de omzet verhoogt. Populair gezegd: via zuipen jezelf bedruipen.

Misschien kost de aanvangsfase wel geld, maar deze kleine investering moet voor de RUG geen probleem zijn. Als de universiteit een half miljoen overheeft voor een nieuwe huisstijl, moet dit een lachertje zijn. Belangrijk verschil tussen deze twee veranderingen: de kroeg zal de studenten wél kunnen bekoren.

Aan de SOG en de andere studentenfracties in de U-raad de schone taak om het voorstel praktijk te laten worden. Laat het niet slechts bij woorden blijven, maar zorg dat ik als student nog een biertje soldaat mag maken in een universiteitskroeg. Misschien een goed idee om de komst van een kroeg speerpunt van een volgend verkiezingsprogramma te maken? Stemmen verzekerd.

Jesper Verhoef studeert CIW en Geschiedenis en is hoofdredacteur van de Groninger Studentenkrant.

Popularity: 11% [?]

Nieuwe selectieprocedures voor toelating?

Auteur: Studentenkrant Op 04-10-2008

Tienduizenden studenten zijn recentelijk met hun studie begonnen. Als elk jaar zullen ook nu velen van hen het eerste jaar niet halen – niet zelden door te weinig motivatie of een verkeerde studiekeuze. Wordt het daarom geen tijd voor (nieuwe) selectieprocedures voor toelating tot de universiteit? Onderzoeker Ben Wilbrink en student Jesper Verhoef gaan de discussie aan.

Selectie is talentverspilling
Hebt u wel eens een studentenadministratie doorgevlooid? Spookstudenten gezocht? Sommige ‘studiestakers’  zijn nooit op komen dagen, doen in feite een andere opleiding, of nemen de tijd voor een definitieve studiekeuze. Studievertraging toerekenen aan deze studenten is fictief. 

Zo zag Wim Kok destijds al massa’s spookstudenten frauduleus studiefinanciering incasseren. Hij slingerde deze onzin de media in, zonder check op de feiten. 

Uit onderzoek naar deze spookstudenten was toen al bekend: ze bestaan niet. Universiteiten gaan nu de strijd aan met uitval en vertraging in het eerste jaar, deels een strijd tegen spookstudenten.

Natuurlijk, ‘echte’ studenten, die werkelijk en overtuigd in deze opleiding studeren, kunnen ook studievertraging oplopen. Uitstellen kan iedereen overkomen. Examenregelingen met veel toetsen waar je voor kunt zakken zijn een feilloos recept voor vermijdbare studievertraging. Remedie: geef geen gelegenheid voor uitstelgedrag door het onderwijs kien te programmeren; doe herkansingen zo mogelijk de deur uit, sta compensatie tussen cijfers toe, en beperk het aantal tentamens.

Groningen heeft er ervaring mee: Geneeskunde laat begin jaren negentig zien hoe zo een treurig slaagpercentage omhoog kan schieten tot bijna het maximaal haalbare. En dat allemaal zonder selectie-aan-de-poort, hebt u dat opgemerkt? Investeren in selectie kost tijd en euro’s die je moet stelen uit het onderwijs aan studenten, terwijl investeren in de programmering en de examenregeling direct onderwijskwaliteit oplevert. Dat is toch een verschil.

De grondgedachte van mensen die willen selecteren is eenvoudig: selectie houdt precies diegenen tegen die ‘het eerste jaar niet halen.’ Dat kan toch, met psychologische tests, op basis van eindexamencijfers, en een gesprek met de kandidaten? Als dat niet 100% lukt, dan is een lager percentage toch ook al prachtig? Zo gaat dat in Amerika toch ook?

Dit terwijl iedereen kan weten dat het Amerikaanse onderwijs wezenlijk verschilt van het onze. Maak eens ruimte voor de gedachte dat Amerikanen zich opgezadeld weten met een selectiecircus dat over de laatste halve eeuw absurde trekken heeft gekregen.  Niemand heeft daar om gevraagd, niemand heeft dat zo gestuurd. In Japan en Zuid-Korea heet de selectie voor hoger onderwijs de examenhel, en wil men er maar wat graag van af.

Wie zoekt waar Nederland dan wel zijn selectie heeft weggestopt, moet kijken naar eindexamens. En naar de enorm verschillende eisen zoals technische wetenschappen tegenover bijvoorbeeld onderwijskunde die aan hun studenten stellen. Niks grijze middelmaat in het hoger onderwijs. Kijk ook naar HBO tegenover WO.

Het ritselt in ons stelsel van de selectie, er is waarachtig niet veel talent voor nodig om dat te kunnen zien. Er is evident teveel selectie, vooral in het voortgezet onderwijs: we verspillen daar heel wat talent. Waarom dan pleiten voor nog meer selectie, aan de poorten van het hoger onderwijs? Hoe was het ook weer: de PvdA ging vreemd met de VVD en de partij van Pim om wettelijk de weg vrij te maken voor selectie-aan-de-poort. Wat is die vrijheid waard?

Ben Wilbrink is voormalig onderwijsresearcher aan de Universiteit van Amsterdam. Hij onderzoekt tegenwoordig selectie en examens.

Wortel werkt niet, tijd voor de stok
In een interview met een landelijke ochtendkrant zei rector magnificus Frans Zwarts plannen genoeg te hebben uitval onder eerstejaars tegen te gaan. Hij sprak over ‘meer mentoren en tutoren’ en het ‘zichtbaarder maken van docenten’.

Dit is precies waar de RUG om bekend staat: een redelijk ‘softe’ aanpak om uitval onder studenten te voorkomen. De universiteit was bijvoorbeeld fel gekant tegen selectie aan de poort en past het bindend studie-advies niet of slechts heel weinig toe. Liever laat de universiteit studenten die weinig studiepunten halen maar wat aanmodderen. Jaarlijks valt er bij de studenten een brief op de mat waarin een vrijblijvend studieadvies gegeven wordt. Het valt te raden dat het gros van de studenten, juist degene met een negatief advies, die brief negeert.

Nog erger is het feit dat bepaalde opleidingen studenten die in het eerste jaar zeer weinig punten halen tegemoet komt. Lukt het bijvoorbeeld ook in het eropvolgende, tweede jaar niet je propedeuse te halen, dan wordt dit door de vingers gezien: de student mag gewoon met het derde jaar beginnen. Met zulke maatregelen is het einde natuurlijk zoek. Het lager leggen van de lat zal, eufemistisch gesteld, de overige studenten niet motiveren te exceleren.

Hardere maatregelen zijn dus geboden. Het moet gezegd, bepaalde selectieprocedures schieten hun doel voorbij, zoals selectie-aan-de-poort. Maar waarom niet iets invoeren als intakegesprekken, en bindend studieadvies? Zo werp je een drempel op voor aankomende studenten.

Het intakegesprek maakt ze namelijk bewuster van de stap die ze gaan zetten. Is dit wel wat ik wil, ben ik er geschikt voor? Het bindend studieadvies zorgt er vervolgens voor dat ze ook afgerekend worden op die keuze. Het kost misschien een lieve duit, maar dat doet een halfbakken maatregel als meer mentoren aanstellen ook. En zullen eerstejaars studenten door die laatste maatregel werkelijk een stap harder lopen? Het dunkt me dat ze juist blij zijn alle bemoeienissen van de middelbare school achter de rug te hebben. Daarbij strookt een dergelijke maatregel totaal niet met de eigen verantwoordelijk die gepaard gaat met studeren. Als volwassene hoor je eigen keuzes te maken, en daar ook keihard op afgerekend te worden.

In vergelijking met bijvoorbeeld de jaren ‘70 ligt vandaag de dag studeren voor iedereen binnen handbereik. De studentenpopulatie is dan ook enorm gegroeid. Vergeten is echter deze groep duidelijk te maken dat studeren een voorrecht is. Pas als dit gebeurt zullen resultaten van eerstejaars studenten verbeteren. Gebleken is dat je dit met softe maatregelen niet bereikt. De universiteit zou er dan ook goed aan doen studenten geen wortel voor te houden. Het is tijd voor de stok.

Jesper Verhoef is hoofdredacteur van de Groninger Studentenkrant en studeert CIW en Geschiedenis.

Popularity: 15% [?]

Advertenties

Over de Studentenkrant

De Groninger Studentenkrant is een maandblad gemaakt voor en door studenten die studeren aan een van de Groninger hogescholen of aan de Rijksuniversiteit.

Twitter

    Foto's

    226/365 - Indoor BBQ birthdayP103046530 x 4asalmon2