Ver weg, in het Oosten van Groningen, ligt een gebied genaamd Oldambt. Het is een woeste streek van kleigrond, kale vlaktes en wegkwijnende dorpjes. Oost-Groningen mag dan wel nooit een schoonheidsprijs winnen, de grond is wel de vruchtbaarste van Nederland. Ooit zorgde die kleigrond voor een ongekende weelde op het Groningse platteland. Die weelde was echter voor een klein groepje weggelegd: de Groninger herenboeren. Het grote standsverschil tussen de herenboer en de talloze landarbeiders zorgde voor frictie. De uitgebuite arbeiders keerden zich tegen de boeren: stakingen en opstanden volgden. Oost-Groningen was eind 19e eeuw rijp voor een revolutie!
Jenever en sigaren
De omstandigheden waaronder de landarbeiders moesten werken, waren niet al te best. Werkdagen van meer dan 12 uur en aangespoord worden met een zweep werd ook toen al als onprettig ervaren. De lonen waren laag en het uitbetalen ervan gebeurde lang niet altijd zoals dat hoorde. Sommige boeren gooiden aan het einde van de week de stuivers voor de arbeiders op de grond: ongedierte moest maar kruipen. Door het enorme overschot aan arbeiders konden deze praktijken lange tijd onverstoord door gaan. De opkomst van marxisme en socialisme eind 19e eeuw in Oost-Europa zorgde echter voor verandering.
Toch waren het gek genoeg de herenboeren zelf die het socialisme en marxisme op het platteland introduceerden. De herenboeren hadden de wereld aan vrije tijd en omdat ze niet iedere avond bij moeder de vrouw thuis wilden zitten, kwamen ze op winteravonden bij elkaar om, onder het genot van een graanjenever en dikke sigaar, te praten over Multatuli, liberalisme en vrouwenemancipatie. Op deze bijeenkomsten werden ook vaak sprekers uitgenodigd. Zij spraken tevens over socialisme en marxisme. Bedoeld of onbedoeld, de boodschap bereikte ook de ‘achterlijke’ landarbeiders. De hooivorken werden gepoetst en het begon te gonzen op de Oost-Groningse toendra.
Onderkruipers
In 1909 werd de Communistische Partij Nederland (CPN) opgericht. Geïnspireerd door de successen van het communisme in Rusland won de CPN in Oost-Groningen steeds meer stemmen. Onder invloed van het communisme gingen de Groningse landarbeiders in de jaren twintig en dertig over tot massale stakingen. Helaas kent elke tijd zijn NSB’ers: zogenaamde ‘onderkruipers’ uit Friesland en Duitsland namen het werk van de Groningse arbeiders graag over. Dat ging uiteraard niet zonder slag of stoot, Oost-Groningen veranderde al snel in een slagveld. Vrijwel wekelijks werden er ‘onderkruipers’ in elkaar geslagen, waarop de politie op hun beurt de landarbeiders in elkaar sloeg. Saai was het in ieder geval niet. Het graan werd uiteindelijk toch gedorst en de stakingen mislukten. De landarbeider bleef ondanks alles een pauper.
Nederlandse Stalinisten
In de jaren ‘50 verloor de CPN onder invloed van de Koude Oorlog veel stemmen. De Nederlandse Stalin, Paul de Groot, stelde zich als leider van de CPN nogal radicaal op tegenover de Nederlandse regering. Hij verzekerde de publieke opinie dat de CPN in het geval van een Derde Wereldoorlog de Sovjetlegers met open armen zou ontvangen. Voor Nederland dus geen graanjenever meer, maar Wodka! Za Zdorovje! De CPN werd daardoor gezien als staatsvijand nummer één. Hoewel de communisten in de Gemeenten Beerta en Finsterwolde (nu beide opgenomen in de nieuwe gemeente Oldambt) de meerderheid hadden, mochten ze niet regeren. De Nederlandse regering stelde een regeringscommissaris aan, die ervoor moest zorgen dat Groningen niet in een grote Sovchoz veranderde. Toch kreeg de gemeente Beerta in 1982 een communistische burgemeester, Hanneke Jagersma. Lang niet iedereen was tevreden over deze rooie burgemeester. Zo greep Commissaris van de Koningin Henk Vonhoff in 1983 het zwangerschapsverlof van Jagersma aan om een VVD’er de ambtsketting om te hangen. In 1989 kwam het wederom tot een botsing tussen Jagersma en Vonhoff. Gemeente Beerta zou per 1 januari 1990 opgaan in de fusiegemeente Reiderland. Maar al voor de sollicitatieronde liet Vonhoff heel subtiel weten dat de kansen van Jagersma niet groot waren. Hij stuurde haar een folder van een outplacementbureau: bij het kinderdagverblijf werden immers nog mensen gezocht.
Broedertwist
In 1989 werd de CPN opgeheven en ging op in GroenLinks. Er was in Nederland slechts één communistisch bolwerk overgebleven: Gemeente Oldambt. Vandaag de dag zijn hier nog steeds communisten actief. De CPN bestaat niet meer, daarvoor in de plaats kwam de Nieuwe Communistische Partij Nederland (NCPN). De ‘hardliners’ wilden als aanhangers van het Leninisme niet opgaan in het gematigde GroenLinks. Wel jammer dat deze ‘hardliners’ vanwege een discussie, om nota bene een veredeld vakantiepark (Blauwstad), zo verdeeld raakten dat er een afsplitsing volgde. Bij de vervroegde gemeenteraadsverkiezingen van 2009 deed naast de NCPN ook de Verenigde Communistische Partij (VCP) mee. De VCP won twee zetels, de NCPN geen één. Ook in Oost-Groningen lijkt het communisme dan eindelijk op zijn retour te zijn. Maar wie had van tevoren kunnen bedenken, dat de Che Guevara’s van het hoge Noorden uiteindelijk door gemeentelijke stoeptegelpolitiek ten onder zouden gaan.
Wie verder wil lezen:
De Graanrepubliek : Frank Westerman (Amsterdam 1999).
De man die de weg wees. Leven en werk van Paul de Groot 1899-1986 : Jan Willem Stutje (Amsterdam 2000).
Popularity: 19% [?]





